· 

Dag 25

Dag 25

 

Foncebadón – Ponferrada

 

Na een uur of 2 lopen wordt ik verrast door het Cruz de Ferro . Hier ligt een reusachtige berg stenen waarop een boomstam met op de top een ijzeren kruis staat. De caminogangers leggen hier een steen neer die symbolisch staat voor de lasten die ze met zich meedragen en hier vervolgens achterlaten. Zoals ik al schreef  werd ik verrast door het feit dat hier het Cruz stond, dit betekende dat ik geen steen bij me had. En in wijde omgeving is geen steen meer te vinden. Dus heb ik hem maar in gedachte neergelegd. En nu maar hopen dat dit ook werkt (foto 1 en 2).

De camino is hier trouwens op zijn grootste hoogte gelegen, namelijk ruim 1500 meter met een prachtig uitzicht op het Cantabrisch gebergte (foto 3).

 

Ik passeer in Manjarin een merkwaardige herberg. Als je aan komt lopen begint de herbergier een grote klok te luiden. Volgens een opschrift is het een gebouw wat gewijd is aan de de Orde van de  Tempeliers. Verder bestaat Manjarin  alleen maar uit vervallen huizen(foto 4).

 

Later op de dag zie ik weer een gedenksteen voor een overleden caminopelgrim. Een jongen van nog geen 17 jaar. Er staat een ontroerend tekst op. The boat is safer anchored at the port; but that's  not the aim of boats(foto 5).

 

De camino is overigens soms weer erg zwaar. Niet alleen veel stijgen en dalen, maar het pad zelf is soms erg moeilijk begaanbaar door de enorme hoeveelheid breukstenen die erop ligt (foto 6).

En ik heb ook nog eens de strop dat ik aan het einde van de route kan kiezen uit 2 verschillende trajecten. Ik kies het aanbevolen traject, niet wetende dat daarmee de toch al lange etappe met nog eens 6 kilometer wordt uitgebreid. Uiteindelijk heb ik 38 kilometer gelopen. 

 

 

Als ik aankom in Ponferrada dan wordt ik beloond met een stadsbeeld overheerst door het enorme kasteel van de Tempeliers ( foto 7 en 8).